Religie: Waar is Jezus van Nazareth eigenlijk gebleven?

eefje2
Illustratie: Eefje van de Rooijakker

 

Voor miljoenen mensen wereldwijd is het weer bijna zover: Pasen, het belangrijkste christelijke feest. Volgens de oosterse orthodoxen is Jezus wat later opgestaan dan westerse katholieken en protestanten geloven, maar alle volgelingen van Jezus van Nazareth staan dezer dagen stil bij zijn leven en sterven. Dat Jezus leefde en gestorven is, daar is iedereen het over eens. Maar hoe kan het dat bijna twee millennia na dato nog steeds niet duidelijk is waar Hij is gebleven? We spraken Jean Schrobbelaer. Hij weet waar Jezus woont.

De Sinaï-hypothese

“Een, twee, drie, vier, vijf, zes, zeven, waar is Jezus Christus gebleven? Hij is niet hier, hij is niet daar — Hij is naar Amerika!”

Met dit citaat, een knipoog naar het bekende kinderliedje ‘Berend Botje’, begint Jean Schrobbelaer (1978) zijn magnum opus De Sinaï-hypothese. Waar is Jezus van Nazareth gebleven? Het is zo dik als de Bijbel, en ook wat verkoopcijfers betreft gaat de vergelijking op. In Parijs vliegt het boek de fnac uit. Tijd voor een introductie van dit mooie staaltje science de fiction in het geseculariseerde Nederland.

Tijdens een recente visite in ons land licht Schrobbelaer zijn hypothese toe: “Al jaren wordt er tevergeefs gezocht naar de overblijfselen van Jezus. De wildste verhalen doen daarover de ronde, en miljoenen mensen geloven die onzin. Ik wilde eens en voor altijd weten hoe het zit.” Een verslag van een fascinerende zoektocht naar de ware toedracht rond het sterven van Jezus.

Académie
Aan zijn bon mots en het savoir faire van de Académie merk je dat Schrobbelaer een Franse intellectueel avant la lettre is. Met zijn glimlach stelt hij je op je gemak, maar maakt hij ook duidelijk dat jouw mening niet veel meer is dan een vooroordeel. “Bien entendu,” zegt hij dan, terwijl hij zijn markante linkerwenkbrauw optrekt. De Franse archeoloog en bestsellerauteur is erudiet, eloquent en elegant.

Schrobbelaer woont in Lille, waar hij de plaatselijke salons littéraires frequenteert. Na de terroristische aanslagen in Frankrijk maakte hij furore als religieus analist bij France-Soir en TV Cinq. In Nederland, waar buiten de kleine kring van weldenkende jonge intellectuelen helaas weinig Frans gesproken wordt, is hij nagenoeg onbekend.

De Franse Vlaming is in het dagelijks leven hoogleraar archeologie en geschiedenis van de oudheid aan de Universiteit van Rijssel. Het lukte hem met behulp van DNA-technologie vast te stellen dat het bij een in 1934 door Amerikaanse onderzoekers gevonden mummie in een graftombe bij Ath Thamad gaat om de stoffelijke resten van Jezus van Nazareth. Ziedaar de basis van zijn eclatante succes.

DNA-monsters
Schrobbelaer deed DNA-onderzoek op monsters uit de mummie en toonde aan dat er familieverwantschap bestond met Maria van Nazareth. “Het onderzoek naar de moeder van Jezus werd bemoeilijkt doordat haar resten verspreid over Europa bewaard worden. Overal ligt wat: hier een nagel, daar een stukje huid. We hebben er jaren over gedaan om genoeg materiaal te vinden voor een DNA-staal.”

Vervolgens onderzocht Schrobbelaer de resten van Jacobus uit het graf van Talpiot. “Ook hier vonden we familieverwachtschap. Jacobus, die waarschijnlijk door de Romeinen om het leven werd gebracht wegens het beramen van een aanslag en het deelnemen aan een terroristische organisatie, was een zoon van Maria en verwant aan Jezus.”

Een monster van het stoffelijk overschot van Jozef van Nazareth, volgens antieke bronnen de vader van Jezus, leverde geen match op. Schrobbelaers team stond voor een raadsel. Er bleek wel verwantschap tussen het stoffelijk overschot van Jacobus en Jozef, maar tussen Jozef en Jezus was geen familierelatie vast te stellen. De hoogleraar haalt zijn schouders op: “Saillant, maar een detail.”

Misdrijf
Het onderzoek beperkte zich niet tot familierelaties. Schrobbelaer wist met behulp van de baanbrekende méthode champenoise ook aan te tonen dat Jezus door een misdrijf om het leven is gekomen. “Na minitieus onderzoek troffen mijn medewerkers in de graftombe naast vijf ossuaria en een aantal vergeelde bonnetjes ook resten van een boktor aan.”

Schrobbelaer wist onmiddelijk wat dit betekende. “De boktor heeft een sterke voorliefde voor cypressenhout. In de eerste eeuw, de tijd waarin Jezus van Nazareth vermoedelijk leefde, werd cypressenhout veel gebruikt voor de kruisen om misdadigers te kruisigen. Het lijkt dan ook waarschijnlijk dat Jezus door de kruisdood om het leven is gekomen.”

Sinaï-hypothese
Met deze historische vondst zette Schrobbelaer een grote stap in zijn levenswerk: het onderzoek naar de Sinaï-hypothese. “Deze theorie had ik zelf kunnen verzinnen. Helaas heeft mijn gewaardeerde collega, de beroemde Belgische classicus Verheijen, dat in de jaren vijftig al gedaan,” lacht de flamboyante Flandrien licht gegeneerd.

Hij vertelt hoe de uit Leuven afkomstige en in Oxford door Toynbee opgeleide historicus Marc Verheijen na diepgravend onderzoek tot een opzienbarende conclusie kwam: na zijn gewelddadige terechtstelling werd Jezus gebalsemd, in een doek gewikkeld en in een familiegraf gelegd, maar diezelfde nacht werd het lijk daar weer uit verwijderd.

Schrobbelaer borduurde op dit onderzoek voort en ontwikkelde de these dat het ontzielde lichaam door Simon van Cyrene en Maria van Magdala is weggehaald en via Turijn in de Sinaïwoestijn in een graftombe terecht kwam. Schrobbelaer, met zijn wijsvinger op zijn voorhoofd tikkend: “Waarschijnlijk om verering door terroristen te voorkomen.”

Fabelen
De Sinaï-hypothese werd door historici en theologen lang naar het rijk der fabelen verwezen. “Een grotesk flutverhaal dat niet zou misstaan in een aflevering van CSI: Jerusalem uit het jaar nul,” schreef de Westkapelse oudtestamenticus dr. W. Minderhout onlangs nog in een filippica tegen Schrobbelaers’ theorie in het gezaghebbende theologische journal Acta Apostolorum.

“Er is helemaal geen reden om aan te nemen dat Jezus niet zou zijn opgestaan. Er werd destijds in het weekeinde altijd opgestaan, en dan met name rond Pasen,” zegt Minderhout in reactie op het recente boek van Schrobbelaer. “Dat wij dat nu niet meer doen omdat we het ontwend zijn, is nog geen reden om aan te nemen dat het vroeger dus ook niet voorkwam. Typisch Westers vooruitgangsdenken.”

Opstanding
Schrobbelaer doet de kritiek uit gelovige hoek korzelig af: “Die zogenaamde opstanding is een theologische constructie van de Byzantijnse elite die zich in de Middeleeuwen keerde tegen de groeiende invloed van sji’itische moslims in Antiochië. Om hen wind uit de zeilen te nemen werd het verhaal van de twaalfde imam in feite gekerstend. Daar is al jaren geen serieuze academische discussie meer over.”

De Franse classicus krijgt voor zijn stelling wel veel bijval in academische kring. Historici, classici en archeologen achten de Sinaï-hypothese waarschijnlijk, omdat die niet door een theoloog bedacht is. Ook verklaart de theorie veel: alle door Schrobbelaer betrouwbaar geachte bronnen zijn ermee in overeenstemming. Schrobbelaer: “Dit zou wel eens de hemelvaart voor het christendom kunnen betekenen.”


Oproep. Dit razend interessante onderzoek van Schrobbelaer smaakt naar meer. Is dat een paasei in je broekzak, of ben je gewoon blij me te zien?


 

Over de auteur: Jasper Klapwijk

Jasper Klapwijk (17 cm, 1973) is nergens meer lid van. Vroeger was hij ondermeer politiek commentator, Nederlands Hervormd en werzkaam.

Gepubliceerd door

Jasper Klapwijk

Jasper Klapwijk (17 cm, 1973) is nergens meer lid van. Vroeger was hij ondermeer politiek commentator, Nederlands Hervormd en werzkaam.

Een gedachte over “Religie: Waar is Jezus van Nazareth eigenlijk gebleven?

  1. Ik ben eigenlijk wel benieuwd naar een diepgravend onderzoek naar de foute relikiweënhandel. Hoeveel heiligen kun je van ieders overblijfselen rebuilden?
    De verblijfplaats van Jezus is trouwens, tenzij ten hemel gevaren, is trouwens net zoiets als de verdwijning van de MH370 in een diepe oceaan, hij liep immers over water…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *