Noodklok: Bankiers verlaten massaal Nederland

Gestrande bankiers
Gestrande bankiers

De bankensector luidt de noodklok. Sinds ABN Amro-bankiers dit weekend hun variabele vaste inkomen moesten inleveren, is er sprake van een massale uittocht van topbankiers uit ons land. TIJM Magazine sprak met een bankier die hals over kop ons land moest verlaten.

Bert M. wordt naar eigen zeggen het land uit gepest. En hij is niet de enige. Volgens hem zijn er talloze wanhopige bankiers die hun geluk elders gaan beproeven. Zij zullen de levensgevaarlijke oversteek maken naar Londen, New York en Shanghai in piepkleine bootjes.

Concurrentiepositie
“Nederland is gewoon niet concurrerend genoeg”, aldus Bert M. “Eerst ging onze bonus eraan, nu het variabele vaste inkomen. Dan blijft er een schamele 600.000 euro per jaar over om van te leven. Daarmee zijn we ver onder het bestaansminimum beland. 50.000 euro per maand, terwijl wij wel elke dag met hart en ziel de bank weer een stukje dichter naar de afrgrond drukken.

“Op deze manier worden we gewoon gedwongen om ons heil elders te zoeken. In landen waar autisten zonder moreel besef nog op waarde worden geschat. In landen waar topmensen van overheidsbedrijven zichzelf wel gewoon fatsoenlijk mogen belonen. In landen waar topmensen zich gewoon mogen uitbetalen, of hun bedrijf nou op omvallen staat of niet. Als al dat talent naar het buitenland verdwijnt is dat een drama voor ons land.”

Rampenscenario
In de sector vreest men dat Nederlandse banken nu geleid gaan worden door mensen die daadwerkelijk weten wat er in de samenleving en op de werkvloer leeft. Mensen die de bank willen leiden volgens ouderwetse principes zoals aandacht voor klanten en personeel. “Een rampenscenario”, aldus Bert M. “Dit werpt ons bankensysteem enkele decennia terug in de tijd. Alleen nog maar simpele en transparante producten, redelijke salarissen voor werknemers en stabiele bedrijfsvoering. Dat kan op de lange termijn nooit goed gaan.

Verslag: Bijeenkomst van anonieme graaibankiers

Illustratie: Eefje van de Rooijakker
Illustratie: Eefje van de Rooijakker

Laurens Landeweerd mocht aanwezig zijn bij een bijeenkomst van ‘Graaiers Anoniem’, een zelfhulpgroep voor mensen die werkzaam zijn in de financiële sector. De stichting GA, zo staat te lezen op de website, is bedoeld om gewetensbezwaarde afkickende graaibankiers te helpen bij hun herintegratie in de samenleving.

Zo’n 25 mensen zitten bijeen in een achterzaaltje van bowlingcentrum ‘de Zaan’. Ikzelf neem achterin plaats. Het publiek bestaat voornamelijk uit heren, maar her en der is ook een mantelpakje tussen de grijze en blauwe Boss, Fords en Armani’s te bespeuren. Terwijl een Kosovaarse poetsvrouw druk doende is de vloer te boenen wordt het gesprek geopend door Hans N. – oude rot – met de woorden: “Ik ben Hans en ik ben een graaier”. De zaal klapt. Hans vertelt kort zijn levensverhaal. Hij begon met een studie bedrijfskunde in Rotterdam en kende een glorieuze carrière in de City van Londen die eindigde met een vastgoedschandaal in de Noordoostpolder.

Na enig meewarig gebabbel over de salarisverhogingen bij de raad van bestuur van ABN Amro wordt een nieuwkomer geïntroduceerd. Een nerveuze jongeman met een zwart brilmontuur staat enigszins bedremmeld op het podium. Hij rommelt wat in zijn aktetas, buigt zich naar de microfoon en zegt schoorvoetend: “Ik ben Nico, en ik ben een graaibankier”. Het publiek applaudisseert opnieuw en met een onzekere glimlach begeeft Nico zich terug naar zijn stoel.

Frank O. geeft een korte presentatie over de verleidingen van Mammon. Vooral zijn woorden over de aantrekkingskracht van exhibitionistisch immoreel gedrag roept instemmend gemompel uit de zaal op. Hij besluit met een reflectie over zijn rol in het faillissement van de gemeente Groot-Wuchten. Daar wist hij voorstanders van de geplande ontwikkeling van een natuurgebied te betrekken bij investeringen in een onbetrouwbare derivatenportefeuille. Een vrouw uit het publiek staat op en vraagt: “Heb je dan nooit gedacht een derivatenfonds voor demente bejaarden? Daarmee had je de middenstand ook nog achter je kunnen houden…” In de zaal ontstaat een nerveus geroezemoes.

‘Ik houd het niet meer’
Dan staat plots een corpulente man van rond de 60 op. Onder de schor uitgeroepen woorden “ik houd het niet meer” stormt hij op de schoonmaakster af en opent zijn gulp. Een krachtige stroom urine klettert op de vloer en op de stoïcijns doorboenende Kosovaarse. Verschillende mensen springen uit hun stoelen en trachten de gewezen specialist in vastgoedderivaten tegen de grond te werken.

Iemand loopt naar het podium om de grijsblauwe massa tot de orde te roepen, maar er is geen houden meer aan. Verschillende leden trachten zich meester te maken van de contributiepot. Er ontstaat een handgemeen, en ik besluit me achter de bowlingschoenenkast in veiligheid te stellen. Ik zie nog juist dat Hans N. zich in de consternatie met het sigarenkistje met de contributies uit de voeten maakt. Hij verdwijnt via een zijdeur terwijl het publiek nog druk doende is de corpulente man op de grond te houden. Ik besluit dat het welletjes is en loop terug naar de parkeergarage.

‘Bonusje m’neer?’
Als ik beneden kom, tref ik Hans N. op de parkeerplaats achter een bestelbusje aan met in zijn hand het kistje. Hans, in tranen: “De verleiding was te groot!”. In het geopende kistje kan ik de vrijwillige bijdragen van het afgelopen kwartaal zien liggen: een knoop, een stukje harde snot en een versleten fanfoto van Michael J. Fox. Ik voel een steek van medelijden maar besluit Hans N. in zijn ellende achter te laten en naar mijn auto te gaan.

Terwijl ik de deur van mijn auto open hoor ik een autoraampje achter me openzoemen. “Psst… bonusje m’neer? Heeft u een bonusje voor me?” Ik doe alsof ik de man niet hoor. Hij hangt uit het raampje van zijn Bentley. Zijn haar is zo grijs en strak als het krijtstreepje in zijn vicuña wollen pak, maar zijn ogen kijken verwilderd door me heen. “Alstublieft, m’neer, een bonusje, desnoods een kleintje…”

Ik schud nee.

Onderweg naar huis overpeins ik de recente ophef over de salarisverhogingen van de financiële managementstop. Zalm steunde de sector met de woorden dat afspraak nu eenmaal afspraak was. We hebben nog een lange weg te gaan, maar toch, eigenlijk hadden de managers in kwestie het recht aan hun kant om nog meer te graaien. De zon breekt door het wolkendek als ik invoeg op de ring Amsterdam. Ben ik naïef om te hopen op een betere wereld?

Alle namen in dit stuk zijn uit privacyoverwegingen gefingeerd