Interview met dingen (deel 3): Blinde Haat

Marnix Pauwels is begenadigd interviewer maar bovenal nieuwsgierig mens. Hij voelt een grenzeloze verwondering voor de onbekendere entiteiten in de maatschappij. Niet zelden levert zijn interesse voor alles om hem heen bijzondere verhalen en ontroerende inzichten op. Vandaag: een spontaan gesprek met Blinde Haat.

Interview met Blinde Haat

We hebben om 12 uur afgesproken op een zonovergoten maar winderig terras. Het is vrij druk. Als ik bij hem aanschuif valt me op dat er al een stuk of acht lege bierpullen staan, die hij binnen drie minuten na mijn aankomst stuk voor stuk woest van tafel maait. Zelf lijkt-ie het niet te zien, de Blinde Haat.

Marnix: Je bent vrij populair hè, de laatste tijd! Valt me op dat je steeds vaker opduikt op de meest uiteenlopende plekken, van comments onder stukken op internet, tot solidariteitsbijeenkomsten, demonstraties en al dan niet stille tochten. Hoe komt dat, denk je?

De Blinde Haat kijkt me aan. Tenminste: dat denk ik. Ongeveer mijn kant op, zoveel is in elk geval zeker. Hij doet zijn enorme mond open en braakt een dikke straal gal over het tafeltje heen. Een deel ervan komt terecht op een bovengemiddeld getinte man in een maatpak, die iets verderop zit. Hij springt op, roept ‘racisme!’ en beent verontwaardigd weg.

De Blinde Haat neemt een grote slok bier, haalt zijn schouders op, en begint bij zijn mondhoek te bloeden.

Marnix: Wat ik me dus altijd afvraag: waarom ben je eigenlijk zo kwaad?

Soms weet je direct dat je een bepaalde vraag beter niet had kunnen stellen. Het is nu duidelijk Soms: de Blinde Haat ontploft in zijn stoel als een te strak afgestelde bermbom en sproeit rokende stukjes woede tot in de verre omgeving. Terwijl ik me vastklamp aan de wankele terrastafel, beginnen overal om mij heen mensen ruzie met elkaar te maken. Er wordt geslagen met stoelen, giftige verwijten vliegen over en weer, een jonge man met baard slaat schuimbekkend een moddervette vrouw met een enorme jij-bak op haar hoofd. Binnen no time vormen zich kampen die elkaar, zonder duidelijke aanleiding maar met als enige reden dat het kennelijk kán, op allerlei manieren hartstochtelijk bestrijden. Het ziet er angstaanjagend primitief uit.

De Blinde Haat kijkt tevreden om zich heen. Daar lijkt het in elk geval op. Onderuitgezakt slaat hij de ene na de andere halve liter bier achterover, terwijl chaos en paniek in rap tempo de overhand nemen. De Redelijkheid, die een tafeltje achter hem zat toen ik arriveerde, heeft zich inmiddels stilletjes uit de voeten gemaakt. Ik schuif mijn stoel een stukje achteruit, houd mijn hand voor m’n gezicht, en stel ‘m nog een vraag.

Marnix: Dit gebeurt overal waar jij verschijnt hè?

Ik ben nog niet uitgesproken of er lazert een (volgens mij) fantasiepiet met rood-groen gezicht achterwaarts door ons glazen tafeltje heen. Een kale man in bomberjack roept iets over grenzen, criminaliteit en wegwezen en slaat een bierfles stuk tegen zijn hoofd. Drie vrouwen proberen iedereen wóedend borstvoeding te geven. Een bankier wordt door een vijftal stinkende krakers uit elkaar getrokken. Alle Argumenten hebben het terras inmiddels verlaten en de Beschaving is ver te zoeken, ook al wordt Respect er continu met de haren bijgesleept. Ik zie het met open mond gebeuren.

De Blinde Haat stapt op zijn fiets. Hij rijdt slingerend weg richting Twitter.

Meer interviews met dingen leest u hier: Deel 1 – Interview met een dode brasem en Deel 2 – Interview met de das van Frank Snoeks.